Inspectie frequentie bepalen

De Inspectie frequentie bepalen voor elektrische arbeidsmiddelen is afhankelijk van een aantal factoren. Niet voor ieder elektrisch arbeidsmiddel is het noodzakelijk om deze jaarlijks te laten keuren. Voorafgaand aan de keuringen dient er een plan gemaakt te worden voor de keuring van de arbeidsmiddelen. Arbeidsmiddelen kunnen bijvoorbeeld in groepen verdeeld worden op basis van soort of van omgevingsomstandigheden.

In onderstaande vragenlijst (tabel K.1) uit de NEN 3140: 2011 komen de factoren voor de bepaling van een inspectie frequentie aan bod. Door het beantwoorden van de vragen komt u op een getal waarmee de geadviseerde inspectie frequentie afgelezen kan worden in figuur K.1

Inspectie frequentie bepalen NEN 3140:2011 Bijlage K (normatief)

Het bepalen van de tijd tussen twee opeenvolgende inspecties ( inspectie frequentie ) van elektrische arbeidsmiddelen

K.1 De tijd tussen twee opeenvolgende inspecties

De tijd tussen twee opeenvolgende inspecties van elektrische arbeidsmiddelen wordt bepaald door:

A) de frequentie van gebruik;

B) de deskundigheid van de gebruikers;

C) de omgeving;

D) de kans op beschadiging.

Inspectie frequentie risicofactor

A tot en met D met tabel K.1 in samenhang met figuur K.1.

Inspectie frequentie tabel

Het bepalen van de som van de factoren A tot en met D

Inspectie frequentie tabel